Posts tonen met het label Dobru R.. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Dobru R.. Alle posts tonen

woensdag 21 mei 2014

R. Dobru - Wan bon/Egy fa

Wan bon

Wan bon
someni wiwiri
wan bon.

Wan liba
someni kriki
ala e go wan se.

Wan ede
someni prakseri
prakseri pe wan bun mu de.

Wan Gado
someni fasi tu anbegi
ma wan Papa.

Wan Sranan
someni wiwiri
someni skin
someni tongo
wan pipel.

R. Dobru 1973

Boom in het park van Gödöllö bij het zomerpaleis van Sisi, keizerin van Oostenrijk,
nu Hongarije. Foto © Michiel van Kempen 


Egy fa

Egy fa
s annyi levél
a  fán

Egy folyó
s mennyi patak
mind egy tengerbe szalad

Egy fő
s mennyi gondolat
az üdvös is közöttük akad

Egy isten
s annyi fajta hódolat
de egy atya.

Egy Szránán
s annyi féle bőrszín
és hány hajazat
s mennyi nyelv
de egy nép.

R. Dobru 1973
(fordította: Feuer Sebestyén 2014)


[Hongaarse vertaling van het gedicht ‘Wan bon’, op de website surinamehu.weebly.com]

maandag 19 mei 2014

De dichter en het woord

door Jerry Dewnarain

Bij uitgeverij In de Knipscheer is Tiri fu den wortu ... di no taki. De Stilte van het Ongesproken Woord verschenen, een multimediaal eerbetoon aan drie Surinaamse dichters: Trefossa, Shrinivási en Dobru.
In een opstel ‘Over nationale letterkunde’, gepubliceerd in Sticusa-Journaal van 1974 ontvouwde Albert Helman zijn visie op de vijf ontwikkelingsfasen in het ontstaan van een eigen literaire productie in de dekoloniserende landen. In de derde fase kenmerkt Helman de Surinaamse poëzie als volgt: ‘Er ontstaan sterker op het lokale milieu betrokken gedichten en echte streekverhalen en streekromans, al dan niet in de algemeen gangbare cultuurtaal of in een van de “vernaculars”. Gemakshalve worden beide taalsoorten (het Nederlands en het Sranan) vaak dooreengemengd, of opzettelijk, terwille van de lokale kleur, incidenteel of exclusief gebruikt. De gedichten zijn meest van lyrisch-protesterende aard of illustreren populaire slogans.’ De derde fase is de periode van eind jaren ’50 en de jaren ’60: veel protestliteratuur, volop ontplooiing van de volkstalen, verdieping in de historische anekdotiek. Voorbeelden hiervan zijn: ‘gronmama’ (Trefossa), ‘Suriname’ of ‘De dichter en het woord’ (Shrinivási) en ‘Holi Phagwa 1973’ of ‘geen plaats’ (Dobru).

Buste van Trefossa op de hoek van het Onafhankelijkheidsplein in Paramaribo.
Foto © Michiel van Kempen

Met andere woorden de periode 1957-1975 stond in het teken van het engagement met het volk, de strijdliteratuur en de nationale of nationalistische literatuur. Daarbij moet ook worden aangetekend dat deze periode verrassend veel werk opleverde dat meer dan een kwart eeuw later als gecanoniseerd zou gelden. Trefossa, Shrinivási en Dobru maken zeker deel uit van de Surinaamse poëziecanon. Dat bewijst ook de keuze van de dichters. Maar deze drie ‘groten’ zijn niet de enige grote Surinaamse dichters... er zijn er veel meer in dit poëzieland. In de inleiding van Cynthia Abrahams staat: ‘De gedichten zijn gekozen uit het werk van de drie meest geliefde dichters van Suriname, Trefossa, Shrinivási en Dobru.’ (p. 12) En Mavis Noordwijk zegt in een interview: ‘De manier waarop Trefossa typische Sranan-woorden en uitdrukkingen in zijn poëzie gebruikt, geeft een meerwaarde aan het Sranan. Hij is voor Suriname van buitengewoon grote betekenis zowel voor de literatuur als voor de cultuur geweest. Trefossa gebruikte in zijn vertalingen vaak beelden die aansluiten bij de Surinaamse belevingswereld’. (p. 28)

Shrinivási, april 2014
Foto © Michiel van Kempen
Shrinivási is de dichter die tegenstellingen overbrugt of met elkaar verzoent: die tussen het district en de stad of die tussen religies (hindoeïsme en christendom). Maar hij brengt ook talen bijeen, want hij schrijft in het Nederlands, Hindi, Sarnámi, wat hij steeds vergezeld doet gaan van een eigen vertaling in het Nederlands. Shrini is eigenlijk ook de dichter van ballingschap en vervreemding. Een terugkerend thema is de pijn van ballingschap en vervreemding. Het gedicht ‘Deháti’ uit Anjali is zo een voorbeeld (p. 48). Dobru is het Sranan-woord voor dubbel en is afgeleid van zijn initialen R(obin) R(aveles). Terugkerende thema’s in zijn werk zijn: vaderlandsliefde, het bekritiseren van sociale wantoestanden, de eenwording van het Surinaamse volk, liefde en armoede. Al in 1965 schreef hij zijn gedicht ‘Wan’ of ‘Wan bon’, geïnspireerd door het nationaal jeugdcongres dat in Paramaribo werd gehouden. Dit gedicht is intussen uitgegroeid tot het nationale gedicht en neemt in de multiculturele Surinaamse maatschappij een centrale plaats in (p. 76). De boom staat symbool voor Suriname en de bladeren voor de diverse bevolkingsgroepen in het land, dat één moet worden.

Saxofoniste Sanne Landvreugd speelt mee op de cd.
Foto © Michiel van Kempen
Kortom Tiri fu den wortu ... di no taki. De Stilte van het Ongesproken Woord is een mooie, informatieve en zeer creatieve uitgave waarin poëzie van drie stonfutu Surinaamse dichters Trefossa (Henny de Ziel), Dobru (R. Raveles) en Shrinivási (Martinus Lutchman) is verwerkt tot prachtige muziek op dvd. Dave MacDonald (singer/songwriter) componeerde muzikale gedichten die worden vertolkt door een groep artiesten, onder wie Desiree Manders, Claudio Ritfeld, Julya Lo’ko, Martin Buitenhuis, Zanillya Farrell, Raj Mohan, Sim’Ran, Norman van Geerke, Sarah-Jane Wijdenbosch en Sanne Landvreugd. Er is gestreefd naar een harmonieus samengaan van woord en muziek, een ‘blend’ van literatuur en muziek; zo verwoordt Cynthia Abrahams het in haar inleiding (p. 12). Het is ongetwijfeld een bijzondere manier van documenteren van de rijkdom van gemeenschappelijk Surinaams cultureel erfgoed. Ieder van de drie dichters heeft zijn eigen prachtig vormgegeven deel van het boek gekregen, met veel foto’s, informatie over hun leven en werk door kenners en uiteraard een keuze uit hun gedichten.

De invloed van de drie behandelde dichters op de Surinaamse literatuur is bijzonder groot. Tiri fu den wortu ... di no taki. De Stilte van het Ongesproken Woord is een sieraad voor elke liefhebber van de Surinaamse literatuur. Ook jongeren kunnen op een moderne manier kennis maken met dit muzikaal bewerkte culturele erfgoed en zelfs aangespoord worden werken van Surinaamse dichters te gaan lezen en deze creatief te gebruiken.
Cynthia Abrahams

Cynthia Abrahams, Hein Eersel, Geert Koefoed (samenstelling en inleidingen): Tiri fu den wortu ... di no taki. De Stilte van het Ongesproken Woord. Dobru, Shrinivási, Trefossa. Drie Surinaamse dichters op muziek gezet. Boek en dvd. Haarlem: In de Knipscheer i.s.m. IKO Foundation, 2014. ISBN 978 90 6265 852 7


maandag 7 april 2014

De stilte van het ongesproken woord

Een fotoreportage van de première in het Bijlmerparktheater, 6 april 2014



door Johan Janssen

De Stilte van het Ongesproken Woord is een programma gewijd aan de Surinaamse dichters Dobru, Trefossa en Shrinivási. Teksten van deze dichters zijn verwerkt tot muzikale composities door Dave Mac Donald en Robin van Geerke.



Deze muziek is in diverse stijlen, wereldmuziek, kaseko, R&B, jazz en soul. Daarnaast is er Spoken Word, beeld en ook meer theatrale uitingen.
Deze mix is moeilijk te beschrijven, maar het heeft mij zeer geboeid.
Ga het daarom zelf zien: nog op 8 april in Theater Corrosia Stad in Almere (20:30)


Vocals: Chy-Kyria Mezas, Robert Harman en Lucas Sheperd
Spoken Word: Zanillya Farrell
Spoken Word/Vocals: Raj Mohan
Gitaar: Dave MacDonald
Saxofoons: Sanne Landvreugd
Piano/Keyboard: Robin van Geerke
Tabla: Suresh Sardjoe
Bas: Pat Winterdal
Beeld: Antoinette van Maarschalkerwaart
















Nazaten van Dobru en Trefossa ontvangen de eerste exemplaren van het boek met dvd.










maandag 17 maart 2014

Surinaamse schuttingtaal

Terras van Zus en zo. Foto © Klaas de Groot

door Klaas de Groot

Op zondag is het stil in de straten van klassiek Paramaribo. Wel zijn er veel fietsers te zien. Wie wil fietsen kan een fiets huren op de Grote Combéweg 13A, tegenover  een ingang van de Palmentuin. Daar, op één terrein, is de verzamelplek voor stagiaires  met lang blond haar  guesthouse Zus & Zo,  en een fietsverhuurbedrijf.  Het terras van het guesthouse is een geliefkoosde skypeplek. Luid en duidelijk is te horen dat de vaders en moeders in Nederland op de hoogte gebracht worden van het wel en wee van hun dochters.

Albert Helman, gebroederlijk naast Papa Touwtjie
Foto © Klaas de Groot
Ze zitten met hun rug naar een bijzonder verschijnsel op hetzelfde terrein: een schutting met geschilderde portretten van Surinaamse bekendheden. Het is een goede plek, want binnen een straal van een kilometer staan er heel wat beelden van en monumenten voor andere Surinaamse helden, op het Onafhankelijkheidsplein, bij Fort Zeelandia en aan de Kleine Waterstraat.

De afbeeldingen zijn verbonden door de kleuren van de Surinaamse vlag: rood, groen en wit. Hier en daar versierd met een gele ster. Trefossa, Dobru, Albert Helman met ontspannen blik, Sophie Redmond, een somber kijkende Anton de Kom en andere coryfeeën zijn duidelijk herkenbaar. Allemaal zijn ze van naam voorzien. De lichtelijk vervallen afscheiding wordt er door verfraaid, ook al staan er fietsen voor die hun beste tijd gehad hebben. De gezichten kijken ons sprekend aan. Ze zijn heldere taal op deze schutting.


dinsdag 11 maart 2014

Muzikaal Educatief Dichtersproject Silence of the unspoken Word

De band met tweede van links Dave MacDonald en rechts Robert-Hardam Sordam
Foto © Michiel van Kempen
Binnenkort wordt het project Silence of the unspoken Word wereldkundig gemaakt. Het project werd in 2006 geïnitieerd door componist Dave MacDonald en wordt gerealiseerd onder auspiciën van de IKO Foundation in nauwe samenwerking met de R. Raveles Dobru Stichting, de H.F. de Ziel Trefossa Stichting en Dhr. M. Lutchman.

Het project bestaat uit de vervaardiging en distributie van een dvd-in-boek (Tiri fu den wortu di no taki), en Theater- en Schoolconcerten (De Stilte van het ongesproken Woord) gebaseerd op gedichten van Dobru (R. Raveles), Trefossa (Henri de Ziel) en Shrinivasi (Martinus Lutchman).

IKO Foundation erkent het belang van de drie dichters bij het ontstaan van het geloof in eigen kunnen en onafhankelijkheid, en wil deze voor het voetlicht plaatsen.

Dave MacDonald. Foto © Michiel van Kempen
DVD
Door componist Dave MacDonald en arrangeur Robin van Geerke zijn gedichten van de drie roemrijke Surinaamse dichters verwerkt tot prachtige muziekcomposities en deze zijn vertolkt door een unieke en zeer diverse groep artiesten, waaronder DesRay Manders, Claudio Ritfeld, Julia L’oko, Martin Buitenhuis, Zanillya Farrell, SimRan, Raj Mohan, Norman van Geerke, Robby Harman, Sanne Landvreugd, Sarah-Jane Wijdenbosch. Onder regie van Vincent Soekra is een concertregistratie met deze artiesten met vier camera’s vastgelegd voor DVD.

Shrinivasi en Giselle Ecury
Boek
Onder eindredactie van Cynthia Abrahams is een Boek tot stand gekomen waarin de dichters en hun werken worden gekarakteriseerd door een aantal prominente kenners en liefhebbers van literatuur, waaronder Ismene Krishnadath, Hans Breeveld, Cynthia McLeod, Satya Jadoenandansing, Mavis Noordwijk, Lila Gobardhan, Geert Koefoed, Hein Eersel, Rutu Raveles, Gerrit Barron, Chandra van Binnendijk.

Educatie
Doel van dit muzikaal bewerkte cultureel erfgoed is om - via het onderwijs in de Nederlandse taalgebieden – vooral jongeren op interactieve wijze kennis te laten maken met literatuur en dichtkunst in het algemeen en met de drie grote dichters in het bijzonder, zodat zij het op hun beurt weer over zullen willen dragen aan volgende generaties. In Nederland wordt een “De Stilte”-Lesbrief gemaakt in samenwerking met de School der Poëzie. Het plan is om in samenwerking met locale deskundigen ook in Suriname een Lesbrief te laten vervaardigen en door middel van workshops docenten te ondersteunen bij het verzorgen van het “Tiri”-lesprogramma.

R. Dobru
Release
Lange tijd is gestreefd naar simultaneïteit in de implementatie van het project in Nederland en Suriname. Omdat er op dit moment in Suriname nog hard geïnvesteerd moet worden in de relatie met sponsors en onderwijsinstellingen, is besloten alvast een 1e oplage dvd-in-boek te persen speciaal voor de Nederlandse markt.

Op 6 april 2014  hopen wij het eerste exemplaar dvd-in-boek te overhandigen aan de portefeuillehouders Onderwijs en Cultuur van het Stadsdeel Amsterdam Zuidoost, tijdens een muzikale presentatie van het “Silence”-project in het Bijlmerpark theater.
Saxofoniste Sanne Landvreugd
Foto © Michiel van Kempen

Optredens
4 april, MC Theater, Amsterdam  20:30 uur
 www.mconline.nl  € 12,50 / €10,- 
6 april, Bijlmer Parktheater, 15:00 uur 
Première en release DVD-in-Boek
 www.bijlmerparktheater.nl  € 13,50 
8 april, Corrosia Stad, Almere 20:30 uur
 www.corrosia.nl  € 15,- / €13,-


www.unspokenwordcrossover.nl
www.iko-foundation.nl
IKO Foundation
Postbus 2725
1000 CS Amsterdam
+31(0)653157596

dinsdag 25 februari 2014

R. Dobru - ik wil iemand haten vandaag

Het Politiebureau aan de Waterkant van Paramaribo, vóór 1980


ik wil iemand haten vandaag
ik voel het in mijn beenderen
in de zon
ik moet iemand haten vandaag
het moet regenen
de hemel moet dit koelen
anders vermoord ik nog iemand vandaag
het gaat niet om het gat in mijn maag
de pijn in mijn zak
dat is gewoonte
ik zal iemand haten vandaag
het groeit als een kool in mijn keel
en stijgt als een vuur naar mijn haar
brandt in mijn huid
jeukt in mijn vingers
het moet eruit
vandaag ga ik de bedelaar niets geven
laat hij ook haten vandaag
laat de hoer pinaren vandaag
kinderen hoeven niet te eten
laat allen haten vandaag
bloemen
bloemen moeten niet groeien vandaag
ik ga een fajalobi in het vuur gooien
een hond schoppen
de straat niet oversteken met de oude vrouw
niet lachen tegen jou.



[uit Bar Poeroe, Paramaribo 1970]

Het Politiebureau van Paramaribo aan de Waterkant in brand geschoten op 25 februari 1980

zondag 9 februari 2014

Motyo/hoeren in de literatuur


door Els Moor

Vijftien jaar is het geleden dat De koningin van Paramaribo van Clark Accord uitkwam bij uitgeverij Vassallucci te Amsterdam. De eenendertigste druk is van oktober 2011 bij Nijgh en Van Ditmar in dezelfde stad. Op 31 mei van dat jaar overleed Clark Accord aan darmkanker. Heel triest, een groot verlies voor de literatuur van en over Surname.

De koningin van Paramaribo is niet alleen in Nederland en Suriname veel gelezen. De roman verscheen ook in andere talen. Vanwaar die grote belangstelling en populariteit? Een belangrijke oorzaak is het onderwerp, de thematiek. Clark laat zien dat een motyo ook een mens is, niet slechts een seksueel object. Een mens met eigenschappen, goede en minder goede, zoals hulp geven aan wie dat nodig hebben en snel agressief worden. Ze was een vrouw die zich in al haar pracht en praal liet zien en haar vak beheerste als geen ander. Ze werd dan ook terecht ‘de koningin van Paramaribo’ genoemd. Accord heeft de gegevens over Maxi Linder tijdens zijn onderzoeksperiode in Paramaribo gebaseerd op mondelinge informatie van veel mensen die haar gekend hebben. Het resultaat is een ontroerend en aangrijpend topboek over een onderwerp dat wereldwijd moeilijk ligt in de literatuur.

De vraag rijst: zijn er meer Surinaamse auteurs die dit onderwerp aandurfden? Die zijn er, niet veel, maar ze geven steeds een ander aspect van het hoerenleven. Dobru (1935-1983), dichter, schrijver en politicus, schreef vanuit een sociaal perspectief. Zijn verhaal ‘Wiesje: ik schaam me soms diep’ uit de bundel Tori boto (1976) gaat over het sociale contact van de schrijver met een vrouw, Wiesje, uit zijn buurt, met wie hij gesprekken heeft. Wiesje is een motyo. Ze heeft drie kinderen, ‘bedrijfsongevallen’, die ze goed wil verzorgen. Ze doet haar werk om armoede te overbruggen. Als Dobru haar op een avond als ze op de stoep van een straat zit vraagt of het vlot, zegt ze: ‘Tot nu toe niets, maar ik ben blij dat jij er bent, laten we binnen gaan zitten. [...] Soms heb ik geen zin, dan wil ik liever praten met iemand, maar de mannen hebben altijd zo’n haast.’ (p. 30).

Bea Vianen is eveneens een sociale schrijfster. Haar romans over Surinaamse mensen zijn vaak taboe doorbrekend. Ze houdt ons een spiegel voor. Ik eet, ik eet, tot ik niet meer kan (1972) speelt voor een groot deel in een internaat in de stad. Richenel, een jongen uit Commewijne, woont daar. Het internaat staat voor beperking van vrijheid. Armoede is een belangrijk thema in deze roman. Als hij in de grote vakantie thuis is, ontdekt Richenel dat zijn moeder veranderd is. Ze draagt mooie kleren, ze geeft hem geld (dat ze nooit had) en gaat ’s avonds het huisje uit. Hij denkt er veel over na en op een avond: ‘In het donker aan de inham van de rivier ging hij op zijn hurken zitten en gooide telkens een, willekeurig van de grond gegrepen dor takje naar het kabbelende water. Ze is een hoer, dacht hij. Zijn eigen, zijn eigen, zijn bloedeigen... (p.127). We zien dat bij Clark Accord een jong meisje hoer wordt vanwege frustraties. Bij Bea is het een moeder die motyo wordt. Wiesje en Richenels moeder oefenen het vak uit om met hun kinderen te kunnen overleven.

En dan Marylin Simons met haar bundel Carrousel (2003), waarin veertien verhalen, allemaal uit het leven gegrepen, gevoelig, maar niet sentimenteel, onthutsend en toch liefdevol. Hoewel Marylin veel onderwerpen aankaart die in onze samenleving vaak taboe zijn, komt de motyo er niet in voor. Is dat zo? In ‘Blaka Nene’ (pp. 73-82) vertelt een meisje over haar leven met haar grootmoeder, ‘moesje’, bij wie ze woont, nadat haar moeder ze vanuit de stad bij Moesje heeft gebracht. Soms komt de moeder haar halen en mag ze een dagje genieten van de stad. Als ze tien jaar wordt komt moeder naar hen toe en organiseert een prachtig feestje. Moesje wordt ziek en moeder komt vaker, maar gaat altijd weer weg... en dan sterft Moesje. Waar moet het kind naar toe? Het verhaal eindigt als het in een vliegtuig zit, op weg naar een tante. Marylin Simons laat vragen opkomen bij de lezers, maar geeft er geen antwoorden op. Een vraag die we onszelf vanaf het begin stellen: ‘Is de moeder een motyo?’ Ik denk van wel.

Hoeren in de wereldliteratuur. Ik dacht na naar aanleiding van gelezen boeken, sloeg veel naslagwerken op die de thematiek van werken geven met een korte inhoud. Nergens hoeren! Is het ook wereldwijd een moeilijk onderwerp? Internet maakte me niet veel wijzer.

Zelf bewonder ik de Columbiaan en Nobelprijswinnaar Gabriel García Márquez (1927). Zijn bekendste werk: Honderd jaar eenzaamheid. Al zijn werk is beeldend, vol humor en fantasie in combinatie met herkenbare werkelijkheid. De ongelooflijke maar droevige geschiedenis van de onschuldige Erendira en haar harteloze grootmoeder (1975) is een novelle. De titel zegt al wat de thematiek is. Die grootmoeder gebruikt haar kleindochter, een beeldschoon en heel jong meisje, als handelswaar. Ze laat haar met veel mannen gaan en verdient daar hopen geld mee. Een half indiaan, half Europeaan - heet nota bene Odysseus - wordt verliefd op Erendira. Er gebeurt van alles en Odysseus wil niets liever dan grootmoeder vermoorden. Helemaal aan het eind van het verhaal lukt dat en dan... ‘maar ook toen holde ze door met het goudvest, voorbij de droge winden en de middagen waar geen einde aan kwam, en nooit heeft iemand meer iets van haar gehoord noch enig spoor van haar droevig lot gevonden.’

De laatste en korte roman van Márquez heeft zelfs hoeren in de titel: Herinnering aan mijn droeve hoeren (2004). Een oude man trakteert zichzelf via een hoerenwaardin op zijn negentigste verjaardag op een piepjonge maagd. Dan wordt hij voor het eerst van zijn leven echt verliefd, maar het meisje doet bijna niets anders dan slapen, omdat ze overdag ook nog in een fabriek werkt. Een prachtig boek over de liefde en de naderende dood. Een bijna 80-jarige schrijver over een negentigjarige vrijgezel die een onstuimig leven achter de rug heeft... en rust vindt!


Foto © Amex Photography

zondag 12 januari 2014

Spreekstoel als eerbetoon aan dichter Dobru

Abu Khan,. Kunstenaar in Amsterdam-Zuidoost, heeft WAN! gemaakt, een kunstwerk en spreekgestoelte ineen. Het is een van de bewonersinitiatieven in de aanpak focuswijken. Met het werk wil de kunstenaar het werk eren van dichter en politicus Robin 'Dobru' Ravales. Het spreekgestoelte en kunstwerk ineen kan geleend worden voor evenementen door culturele en maatschappelijke organisaties in Amsterdam-Zuidoost.

Meer dan tachtig initiatieven hebben bewoners van de focuswijken ingediend, om hun buurt te verbeteren. Enkele zijn al uitgevoerd, zoals WAN! Het kunstwerk is gemaakt van een dikke plataan die in Zuidoost is omgehakt. Daarvan heeft kunstenaar Abu Kanu een spreekgestoelte gemaakt. Het kunstwerk op de voorkant drukt het gedicht 'Wan' in beeld uit. 'Wan' is het bekende gedicht van de politicus en dichter Robin 'Dobru' Ravales. Initiatiefnemer Yvonne 'Talita' Keerveld en projectcoördinator Anton Berden willen Dobru hiermee eren.

Het kunstwerk is nog tot 20 januari te zien in de Openbare Bibliotheek aan de Frankemaheerd. Daarna kan het geleend worden door culturele en maatschappelijke organisaties in Zuidoost, bijvoorbeeld voor evenementen en conferenties.

Neemt u daarvoor contact op met het Centrum Beeldende Kunst (CBK) Zuidoost. Dit project is mogelijk gemaakt door Stadsdeel Zuidoost, POZO, OBA en het Cultuurplatform Zuidoost.

Bewoonster en camerajournalist Clary van der Veen maakte dit filmpje over het project WAN!.