Posts tonen met het label Bovensmilde. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bovensmilde. Alle posts tonen
zaterdag 9 juni 2012
Senator Van Kappen over onderscheiding voor 'De Punt'
VVD-Senator (en generaal-majoor der Mariniers b.d.) Frank van Kappen legde zaterdag bij de NOS uit waarom er een aparte onderscheiding komt voor de militairen die bij De Punt en in Bovensmilde optraden. Uit deze groep militairen blijkt eerder de wens te zijn geuit om de veteranenstatus te verkrijgen. Dat was echter niet mogelijk omdat hun acties zich binnen de Nederlandse landsgrenzen hebben afgespeeld. In het interview benadrukt Van Kappen dat het beëindigen van de Molukse gijzelingsacties los moet worden gezien van hun 'historische grieven'. Hij corrigeert verder de positie van oud-militair Kees Kommer, die in sommige media als de 'commandant van de mariniers' ter plaatse wordt opgevoerd. Kommer was geen marinier maar een marechaussee. Hij was destijds verbonden met de 'Bijzondere Bijstands Eenheid-Krijgsmacht' (BBE-K), meer in het bijzonder met de schutters die van afstand de trein onder vuur namen. Daarna bestormden mariniers van de 'Bijzondere Bijstands Eenheid-Mariniers' (BBE-M) de trein.
Labels:
1977,
BBE-K,
BBE-M,
Bovensmilde,
De Punt,
mariniers,
Molukkers,
treinkaping
“Schandelijk, ongepast en schandalig”
Op maandag 11 juni a.s. vindt op de begraafplaats de Boskamp te Assen de herdenking plaats van de zes Molukse actievoerders die in 1977 bij de bestorming van de trein bij de Punt door mariniers werden doodgeschoten, nu precies 35 jaar geleden. Een verstild moment in de geschiedenis van het Zuidmolukse volk in zijn strijd om vrijheid en het terugkrijgen van zijn zelfbeschikking.
De Zuidmolukse jongeren die 35 jaar geleden de acties uitvoerden deden dat om aandacht te krijgen voor een rechtmatige zaak. Een wanhoopsdaad omdat de Nederlandse regering niet wilde luisteren naar de argumenten van de Zuidmolukse regering in ballingschap en de Molukse bevolking in Nederland. Bovendien werd de RMS- strijd door de Nederlandse regering afgedaan als een fantoom en een droom, een streven naar vrijheid dat maar snel moest worden vergeten. Deze opvattingen zetten veel kwaad bloed onder de Molukse bevolking.
De Nederlandse regering lijkt niet veel geleerd te hebben van haar eigen geschiedenis en kent deze zelfs niet.
De Nederlandse regering heeft vorig jaar geprobeerd de RMS-regering de voet dwars te zetten door de rechter in Hoger Beroep de RMS niet ontvankelijk te laten verklaren. Dat is niet gelukt. De rechter wilde zijn vingers er niet aan branden. Hij benoemde de RMS-kwestie als een gecompliceerde rechtsvraag.
De notities van dr. Eric de Brabandere en dr. Noelle Higgins, beiden deskundigen op het terrein van het Internationaal Recht, toonden aan dat de Republik Maluku Selatan volgens het Internationaal Recht nog steeds voort bestaat. Bovendien stellen ze vast dat de Republiek Indonesië het grondgebied van de Molukken heeft geannexeerd en tot op de dag van vandaag bezet houdt. De proclamatie van de Republiek der Zuidmolukken (RMS) op 25 april 1950 is volkomen rechtmatig en heeft plaatsgevonden in overeenstemming met het zelfbeschikkingsrecht.
Afgrijzen
De Nederlandse regering wil deze feiten niet erkennen. Integendeel. In plaats daarvan gaat ze door met de Molukse gemeenschap in Nederland te schofferen en deze tegen zich in het harnas te jagen. Met afgrijzen hebben we kennis genomen van het voornemen om de militairen, die betrokken zijn geweest bij de beëindiging van de bezetting van de trein bij de Punt, te decoreren met een insigne.
Ook na 35 jaar zijn we van mening dat de inzet van het geweld, buitensporig, onnodig en zelfs misdadig was. Ondanks de minder geavanceerde middelen van destijds, wist de Nederlandse overheid dat de actievoerders nauwelijks bewapend waren. Door gesprekken tussen de Molukkers in de trein af te luisteren wist men ook dat de ze niet van plan waren hun wapens tegen de gijzelaars in te zetten. (Documentaire Dutch Approach - 2000).
Velen – ook niet Molukkers – zijn van mening dat de bevrijdingsactie een doelgerichte executie was. Een decoratie als beloning voor dit excessieve ingrijpen is dan ook zondermeer ongepast en schandalig te noemen.
De Zuidmolukse regering, die in de herdenking en het programma participeert, legt maandag in Bovensmilde een statement af.
De RMS bestaat en leeft
Bij het monument van de zes van de Punt wappert op 11 juni de Molukse vlag in top van zes uur in de ochtend tot zes uur ’s avonds. De vlag wordt op 11 juni altijd in top gehesen om de standvastigheid en volharding in de RMS strijd te benadrukken. Om te laten zien dat hoe zwaar het verlies en de tegenstand is er altijd sprake is van een morele overwinning van het gelijk. Omdat het streven naar een vrije RMS rechtmatig en nobel is.
Regionaal Comité 11 juni
Tot twee jaar geleden werd de herdenking van de zes Molukse jonge actievoerders door de Molukse Raad Assen en de Wijkraad RMS Bovensmilde georganiseerd. In overleg met de RMS-regering is overgegaan tot een regionale aanpak. Vorig jaar werd het Regionaal Comité 11 juni in het leven geroepen. In dit Comité nemen deel: leden van de Molukse Raad Assen, Wijkraad RMS Bovensmilde, Werkgroep 25 April Hoogeveen, Hoogkerk, de Wijkraad Marum en Oosterwolde.
Samenwerking, Saamhorigheid en Solidariteit staan bij het Regionaal Comité 11 juni hoog in het vaandel. Binnen en tussen verschillende generaties, organisaties en individuele personen. Opdat wij het doel van een vrije Zuidmolukse Republiek bereiken.
('Regering van de Republik Maluku Selatan (RMS) in ballingschap', 6 juni 2012)
De Zuidmolukse jongeren die 35 jaar geleden de acties uitvoerden deden dat om aandacht te krijgen voor een rechtmatige zaak. Een wanhoopsdaad omdat de Nederlandse regering niet wilde luisteren naar de argumenten van de Zuidmolukse regering in ballingschap en de Molukse bevolking in Nederland. Bovendien werd de RMS- strijd door de Nederlandse regering afgedaan als een fantoom en een droom, een streven naar vrijheid dat maar snel moest worden vergeten. Deze opvattingen zetten veel kwaad bloed onder de Molukse bevolking.
De Nederlandse regering lijkt niet veel geleerd te hebben van haar eigen geschiedenis en kent deze zelfs niet.
De Nederlandse regering heeft vorig jaar geprobeerd de RMS-regering de voet dwars te zetten door de rechter in Hoger Beroep de RMS niet ontvankelijk te laten verklaren. Dat is niet gelukt. De rechter wilde zijn vingers er niet aan branden. Hij benoemde de RMS-kwestie als een gecompliceerde rechtsvraag.
De notities van dr. Eric de Brabandere en dr. Noelle Higgins, beiden deskundigen op het terrein van het Internationaal Recht, toonden aan dat de Republik Maluku Selatan volgens het Internationaal Recht nog steeds voort bestaat. Bovendien stellen ze vast dat de Republiek Indonesië het grondgebied van de Molukken heeft geannexeerd en tot op de dag van vandaag bezet houdt. De proclamatie van de Republiek der Zuidmolukken (RMS) op 25 april 1950 is volkomen rechtmatig en heeft plaatsgevonden in overeenstemming met het zelfbeschikkingsrecht.
Afgrijzen
De Nederlandse regering wil deze feiten niet erkennen. Integendeel. In plaats daarvan gaat ze door met de Molukse gemeenschap in Nederland te schofferen en deze tegen zich in het harnas te jagen. Met afgrijzen hebben we kennis genomen van het voornemen om de militairen, die betrokken zijn geweest bij de beëindiging van de bezetting van de trein bij de Punt, te decoreren met een insigne.
Ook na 35 jaar zijn we van mening dat de inzet van het geweld, buitensporig, onnodig en zelfs misdadig was. Ondanks de minder geavanceerde middelen van destijds, wist de Nederlandse overheid dat de actievoerders nauwelijks bewapend waren. Door gesprekken tussen de Molukkers in de trein af te luisteren wist men ook dat de ze niet van plan waren hun wapens tegen de gijzelaars in te zetten. (Documentaire Dutch Approach - 2000).
Velen – ook niet Molukkers – zijn van mening dat de bevrijdingsactie een doelgerichte executie was. Een decoratie als beloning voor dit excessieve ingrijpen is dan ook zondermeer ongepast en schandalig te noemen.
De Zuidmolukse regering, die in de herdenking en het programma participeert, legt maandag in Bovensmilde een statement af.
De RMS bestaat en leeft
Bij het monument van de zes van de Punt wappert op 11 juni de Molukse vlag in top van zes uur in de ochtend tot zes uur ’s avonds. De vlag wordt op 11 juni altijd in top gehesen om de standvastigheid en volharding in de RMS strijd te benadrukken. Om te laten zien dat hoe zwaar het verlies en de tegenstand is er altijd sprake is van een morele overwinning van het gelijk. Omdat het streven naar een vrije RMS rechtmatig en nobel is.
Regionaal Comité 11 juni
Tot twee jaar geleden werd de herdenking van de zes Molukse jonge actievoerders door de Molukse Raad Assen en de Wijkraad RMS Bovensmilde georganiseerd. In overleg met de RMS-regering is overgegaan tot een regionale aanpak. Vorig jaar werd het Regionaal Comité 11 juni in het leven geroepen. In dit Comité nemen deel: leden van de Molukse Raad Assen, Wijkraad RMS Bovensmilde, Werkgroep 25 April Hoogeveen, Hoogkerk, de Wijkraad Marum en Oosterwolde.
Samenwerking, Saamhorigheid en Solidariteit staan bij het Regionaal Comité 11 juni hoog in het vaandel. Binnen en tussen verschillende generaties, organisaties en individuele personen. Opdat wij het doel van een vrije Zuidmolukse Republiek bereiken.
('Regering van de Republik Maluku Selatan (RMS) in ballingschap', 6 juni 2012)
Labels:
1977,
BBE-K,
BBE-M,
Bovensmilde,
De Punt,
decoratie,
Molukkers,
onderscheiding,
RMS,
treinkaping
woensdag 6 juni 2012
De Punt/Bovensmilde: 'Insigne voor militairen haalt oude wonden open'
Een insigne voor militairen die in 1977 een einde maakten aan de treinkaping bij de Punt en de schoolgijzeling in Bovensmilde haalt veel oude wonden open. Zowel bij Molukkers, als bij de slachtoffers. Dat zegt Emus Saija van Brink Baru namens de Molukkers.
Op 23 mei 1977 kaapten Molukkers een personentrein bij De Punt. Tegelijkertijd gijzelden Molukkers in Bovensmilde ruim 100 schoolkinderen en hun onderwijzers. De gijzelingen hielden Nederland bijna 3 weken in hun greep.
Actie met mariniers
De treinkaping werd beëindigd door een actie met mariniers. Twee gijzelaars en zes kapers verloren daarbij het leven. De gijzelnemers in de school gaven zich uiteindelijk over. De acties waren erop gericht om Nederland te dwingen een onafhankelijke Republiek der Zuid-Molukken te erkennen.
Weigering
Minister Hillen van Defensie maakte bekend dat de militairen die een einde maakten aan de treinkaping en de gijzeling een insigne krijgen. Oud-commandant Kees Kommer die in 1977 de beschieting van de trein leidde gaat de onderscheiding weigeren. Hij vindt dat je geen medaille verdient voor het doden van mensen. Bovendien moet de Nederlandse overheid excusen maken voor de fouten met de Molukkers in de jaren '50 zegt Kommer.
Audio:
Emus Saija van Brink Baru over de insigne
(RTV Drenthe, 6 juni 2012)
Op 23 mei 1977 kaapten Molukkers een personentrein bij De Punt. Tegelijkertijd gijzelden Molukkers in Bovensmilde ruim 100 schoolkinderen en hun onderwijzers. De gijzelingen hielden Nederland bijna 3 weken in hun greep.
Actie met mariniers
De treinkaping werd beëindigd door een actie met mariniers. Twee gijzelaars en zes kapers verloren daarbij het leven. De gijzelnemers in de school gaven zich uiteindelijk over. De acties waren erop gericht om Nederland te dwingen een onafhankelijke Republiek der Zuid-Molukken te erkennen.
Weigering
Minister Hillen van Defensie maakte bekend dat de militairen die een einde maakten aan de treinkaping en de gijzeling een insigne krijgen. Oud-commandant Kees Kommer die in 1977 de beschieting van de trein leidde gaat de onderscheiding weigeren. Hij vindt dat je geen medaille verdient voor het doden van mensen. Bovendien moet de Nederlandse overheid excusen maken voor de fouten met de Molukkers in de jaren '50 zegt Kommer.
Audio:
Emus Saija van Brink Baru over de insigne
(RTV Drenthe, 6 juni 2012)
Labels:
Bovensmilde,
De Punt,
insigne,
Molukkers,
RMS
maandag 4 juni 2012
Nieuwe veteranenwet 'mijlpaal voor veteranen'
De veteranenwet, die op initiatief van de Kamer tot stand is gebracht geeft de veteranen de erkenning en waardering die hen toekomt, schrijft minister Hans Hillen vandaag in Veteranennota 2011-2012. Hillen streeft ernaar het besluit dit jaar aan de Kamer aan te bieden. Met de inwerkingtreding van de wet worden 30.000 actief dienende militairen met uitzendervaring ook als veteraan aangemerkt. Daarnaast kunnen militairen die worden ingezet tegen terroristische acties in zowel Nederland of in het buitenland in de toekomst ook in aanmerking komen voor de status veteraan.
"Dat het is gelukt om een veteranenwet te realiseren is natuurlijk prachtig. De komende maanden zal mijn focus dan ook liggen op het implementeren van deze wet", aldus Defensieminister Hans Hillen.
De minister streeft ernaar om voor het notaoverleg Veteranen, dat aan het einde van de maand plaatsvindt, duidelijkheid te geven over de uitbetaling van de zogenoemde ereschuld, een schadevergoedingsregeling voor veteranen die tijdens operaties gewond raakten. In de Veteranennota meldt de minister ook dat zaterdag 30 juni voor de achtste keer de Nederlandse Veteranendag plaatsvindt. Deze dag staat geheel in het teken van de waardering en erkenning van veteranen. Het thema van dit jaar is ‘de veteraan in de samenleving’.
Verder schrijft de minister dat het Politie Veteranen Platform per 1 juli 2012 toetreedt als 43e lid van het Algemeen Bestuur van het Veteranen Platform. Het is de verwachting dat ook bij de douane, de spoorwegen, de GGD en de brandweer dergelijke veteranenverenigingen worden opgericht. Tijdens de veteranendag doet naast een detachement van de politie en douane ook een detachement van de spoorwegen mee.
Advies draaginsigne
Tevens kondigt de Minister in de nota aan dat hij voornemens is om een draaginsigne in te stellen voor de militairen die in de periode 23 mei tot en met 11 juni 1977 een einde hebben gemaakt aan de treinkaping bij de Punt of hebben deelgenomen aan de actie ter beëindiging van de gijzeling van een school in Bovensmilde. Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie zal adviseren over de vaststelling van de groep rechthebbenden.
Veteranennota 2011-2012
pdf, 17 pagina’s
(ministerie van Defensie, 4 juni 2012)
"Dat het is gelukt om een veteranenwet te realiseren is natuurlijk prachtig. De komende maanden zal mijn focus dan ook liggen op het implementeren van deze wet", aldus Defensieminister Hans Hillen.
De minister streeft ernaar om voor het notaoverleg Veteranen, dat aan het einde van de maand plaatsvindt, duidelijkheid te geven over de uitbetaling van de zogenoemde ereschuld, een schadevergoedingsregeling voor veteranen die tijdens operaties gewond raakten. In de Veteranennota meldt de minister ook dat zaterdag 30 juni voor de achtste keer de Nederlandse Veteranendag plaatsvindt. Deze dag staat geheel in het teken van de waardering en erkenning van veteranen. Het thema van dit jaar is ‘de veteraan in de samenleving’.
Verder schrijft de minister dat het Politie Veteranen Platform per 1 juli 2012 toetreedt als 43e lid van het Algemeen Bestuur van het Veteranen Platform. Het is de verwachting dat ook bij de douane, de spoorwegen, de GGD en de brandweer dergelijke veteranenverenigingen worden opgericht. Tijdens de veteranendag doet naast een detachement van de politie en douane ook een detachement van de spoorwegen mee.
Advies draaginsigne
Tevens kondigt de Minister in de nota aan dat hij voornemens is om een draaginsigne in te stellen voor de militairen die in de periode 23 mei tot en met 11 juni 1977 een einde hebben gemaakt aan de treinkaping bij de Punt of hebben deelgenomen aan de actie ter beëindiging van de gijzeling van een school in Bovensmilde. Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie zal adviseren over de vaststelling van de groep rechthebbenden.
Veteranennota 2011-2012
pdf, 17 pagina’s
(ministerie van Defensie, 4 juni 2012)
Abonneren op:
Posts (Atom)