Posts tonen met het label Ton Annink. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ton Annink. Alle posts tonen

dinsdag 17 juli 2012

Vertrekkend topambtenaar Annink: "Ik heb nog invloed op de formatie"

Secretaris-generaal Ton Annink van het ministerie van Defensie verhuist naar Sociale Zaken. Maar zijn rol is nog niet uitgespeeld bij de krijgsmacht. „Achter de schermen heb ik invloed.”

Door onze redacteur Emilie van Outeren

Ton Annink (foto: Defensie)
Het gaat slecht met het ministerie van Defensie. De moeilijkste fase van de bezuiniging van 1 miljard euro, het verdwijnen van 12.000 banen, is aanstaande en er dreigt na de komende verkiezingen nog meer gesneden te worden. Geen prettig moment voor het departement om zijn hoogste ambtenaar te verliezen. Secretaris-generaal Ton Annink (59) stapt over naar het ministerie van Sociale Zaken. Het is zijn zesde ministerie.

Verlaat u het zinkende schip?
„Absoluut niet. Daarom ga ik ook pas in oktober, als ik de reorganisatie in de volgende fase heb gebracht. Het zal mij niet gebeuren dat de controle me nu uit mijn vingers glipt.”

Waarom gaat u dan toch, midden in de reorganisatie?
„Dit is in negen jaar al mijn tweede heftige bezuinigingsronde en er komt misschien meer aan. Ik ben 59 en wilde graag nog secretaris-generaal worden op een ander departement. Het hilarische is dat hoe succesvoller Sociale Zaken is in het verhogen van de pensioenleeftijd, hoe meer ik mijn eigen werktijd verleng. Daarnaast denk ik hier nog invloed uit te kunnen oefenen op de kabinetsformatie.” 

Pardon, bedrijft u politiek, door een glossy te maken bijvoorbeeld, zoals Landbouw deed voor Gerda Verburg?
„Ambtenaren ondersteunen de minister niet alleen als bewindspersoon, maar ook als politicus die voorbereidingen kan treffen en een rol kan spelen in de formatie. Wij maken hier analyses van mogelijk defensiebeleid die de minister kan gebruiken in gesprekkenmet mensen die bij de formatie betrokken zijn. Het is niet zo dat ik op een partijbijeenkomst folders sta uit te delen.”

Dat zou een bijzonder CDA-congres zijn, want u bent lid van de PvdA. Ooit een politieke carrière geambieerd?
„Nee, dank je. Ik sta liever in de coulissen dan op het podium.”

Juist uw partij wil nog een miljard weghalen bij defensie, waar probeert u politici van te doordringen?
„Dat het ongelofelijk belangrijk is dat we in Nederland de fase van het boekhouden achter ons laten en meer nadenken over de prioriteiten. Hoe valt bijvoorbeeld te rijmen dat we veiligheid uiterst belangrijk vinden en daarom de politie uitbreiden, maar tegelijkertijd het leger verkleinen? Met mijn netwerk kan ik daar aandacht voor trekken en achter de schermen invloed uitoefenen.
„Ik zie het ook als de klassieke rol van de topambtenaar om de minister te confronteren met de gevolgen van politieke keuzes.”

Vorig jaar bracht u uw minister in een moeilijke positie door informatie achter te houden over misstanden. U had Hillen moeten informeren over diefstal en intimidatie bij een ICT-onderdeel in Den Helder.

„Ik neem hier tientallen besluiten per dag. Ik heb een feilloos geheugen voor belangrijke zaken, maar de onbelangrijke kan ik snel uit mijn hersenpan laten wegglijden. Mij is ooit gevraagd om een machtiging te tekenen om de baas van de Defensie Materieel Organisatie toestemming te geven om een dossier zelf af te handelen. Dat was zo’n papiertje”, hij houdt zijn duim en wijsvinger twee centimeter uit elkaar. „Ik was dat vergeten, dat kan gebeuren.” 


De minister kwam onder vuur en er werd geroepen om uw hoofd. Hebt u gevreesd voor uw carrière? 
„Dat is het risico van het vak. Als je daar niet tegen kunt, moet je maar groenteboer op Schiermonnikoog worden. Ik heb er in ieder geval geen moment minder om geslapen.”

Wat laat u achter bij Defensie?
„Ik heb de minister beloofd dat we de bezuiniging die ons nu is opgelegd gaan waarmaken. Dat is bij eerdere bezuinigingen niet gelukt. Daar heb ik van geleerd en daarom heb ik strakker gestuurd. Maar ik heb ook gezegd dat als er een nieuwe ronde komt, ik die garantie intrek. Dan kan ik niet meer beloven dat we het onder controle hebben.”

Waar heeft u dan geen controle over?
„Politiek is vluchtiger geworden, we hebben geen kabinet meer dat de vier jaar volmaakt. Politici voelen de druk om in nog kortere tijd hun stempel te drukken en stapelen bezuiniging op bezuiniging. Defensie heeft een enorm incasseringsvermogen en we kunnen veel van mensen vragen, maar het houdt een keer op. Ik weet bijvoorbeeld niet of het ons lukt om nog gekwalificeerde mensen binnen te halen als die alleen maar zien en horen dat de organisatie mensen ontslaat. Bij reorganisaties vertrekken de geschikte mensen die een alternatief hebben. Dat mag, tot op zekere hoogte, maar je moet wel hun opvolgers klaar hebben staan.”

+++

Bonden kritisch
Militaire bonden reageren kritisch op het vertrek van Annink. „Hij is het boegbeeld van de reorganisatie. Die komt nu in de fase die pijn gaat doen. Het zou van leiderschap getuigen als hij ook de ellende mee zou pakken”, zegt Ruud Vermeulen van de officierenvereniging. Jan Kleian van vakbond ACOM is minder subtiel in zijn commentaar. „Mooie opruiming” twitterde hij.

(NRC Handelsblad, 17 juli 2012)

vrijdag 13 april 2012

Officieren beschuldigen topambtenaar Defensie

De hoogste ambtenaar bij het ministerie van Defensie wordt door de belangenorganisatie van officieren beschuldigd van vermeende schending van de zakelijke integriteit. De kwestie draait om de benoeming van een burgermedewerkster tot brigadegeneraal.

De FVNO/MHB maakte vrijdag bekend twee meldingen te hebben gedaan bij de Centrale Organisatie Integriteit Defensie tegen secretaris-generaal Ton Annink.

Volgens de belangenvereniging past de aanstelling van de vrouw tot brigade-generaal niet binnen het vastgestelde beleid. Ook het feit dat ze is voorgedragen als plaatsvervangend commandant van de Koninklijke Marechaussee zou op basis van de huidige regelgeving niet mogelijk zijn.

(ANP/RTL, 13 april 2012)

Officierenverenigingen: mogelijke schending integriteit door secretaris-generaal Defensie

(Toelichting: dit bericht betreft de benoeming van mevr. Hillie Beentjes tot brigadegeneraal bij het wapen van de Koninklijke Marechaussee. Zie ook een eerder bericht: 'Officieren woest om promotie', HdV) 

De FVNO|MHB heeft vandaag, vrijdag 13 april 2012, twee meldingen gemaakt bij de Centrale Organisatie Integriteit Defensie (COID) van vermeende schending van de zakelijke integriteit door de Secretaris-Generaal, dhr. Annink.

De eerste melding betreft de voordracht voor de aanstelling van een burgermedewerker bij Defensie tot brigadegeneraal. De tweede melding betreft de voordracht van deze zelfde defensiemedewerker voor de functie van plaatsvervangend commandant van de Koninklijke Marechaussee.

Defensie heeft integriteit hoog in het vaandel staan. De FVNO|MHB steunt Defensie hierin ook ten volle. Het is dan ook extra wrang dat de FVNO|MHB zich genoodzaakt ziet om melding te maken van vermeende schending van de integriteit door juist de hoogste ambtenaar binnen het ministerie die belast is met het toezicht op de intergeit binnen defensie.

Na uitgebreide bestudering van de regelgeving kan de FVNO|MHB echter niet anders concluderen dan dat deze voordracht van de benoeming van een burgermedewerker tot brigadegeneraal niet past binnen het vastgestelde beleid. Ook de voordracht tot benoeming van deze defensiemedewerker tot plaatsvervangend commandant van de Koninklijke Marechaussee is, op basis van de huidige regelgeving, niet mogelijk.

Daar waar benoemingen van topfunctionarissen, door Defensie, breeduit worden gepubliceerd, wekt de grote stilte rondom deze benoeming vraagtekens op bij de FVNO|MHB. Zelfs in de interne media-uitingen, zoals intranet en KMar Magazine, waarin bevorderingen normaliter worden vermeld, is tot op de dag van vandaag (nog) niets gepubliceerd. Juist een bijzondere benoeming als deze, burgermedewerkster aangesteld als eerste vrouwelijke generaal bij de Koninklijke Marechaussee én eerste vrouw voorgedragen voor de rang van generaal-majoor, zou reden moeten zijn voor uitgebreide media aandacht. Deze stilte wekt de suggestie dat Defensie deze benoeming buiten de schijnwerpers had willen houden.

In een periode van grote onrust onder het defensiepersoneel over de werkzekerheid binnen de defensieorganisatie, is het voor de FVNO|MHB van groot belang dat de, tussen Defensie en de centrales van Overheidspersoneel, gemaakte afspraken inzake het personeelsbeleid nauwgezet worden nageleefd. Het nauwkeurig naleven van deze gemaakte afspraken biedt al het personeel (zoveel als mogelijk) gelijke kansen. Het bevoordelen van, in dit geval, een burgermedewerker waardoor een extra militair gedwongen de defensieorganisatie zal moeten verlaten past absoluut niet binnen deze gemaakte afspraken.

(De federatieve koepel FVNO|MHB bestaat uit de Koninklijke Vereniging van Marineofficieren (KVMO), de Nederlandse Officieren Vereniging (NOV) en de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reserve Officieren (KVNRO))

(bron: ProDef, 13 april 2012)