Tags
Uit Oost en West. Vertellingen, versjes, geschiedenis, uitvindingen, rekenkundige voorstellen, raadsels, enz. Door Oom Diederik. Schiedam: H.A.M. Roelants, 1880.
Gerardus Johannes Bos (1825 – 1898) was een Nederlandse schilder, lithograaf en steendrukker. Bos vergaarde bekendheid vanwege zijn illustraties voor kinderboeken. Hij runde een steendrukkerij en was daarnaast ook directeur van de Leidsche Schilder- en Tekenacademie Ars Aemula Naturae en diaken van de Evangelische Luthersche Gemeente.
Het boek is een allegaartje van allerlei onderwerpen variërend van een verhandeling over de walvis, het Suezkanaal en een bijdrage over de Chinezen. Het feit dat de frontispice in zijn geheel aan Suriname is gewijd zegt iets over het belang dat de auteur aan de onderwerpen Suriname en slavernij hecht. ‘Suriname is eene gewigtige Nederlandsche volksplanting’, zo begint ‘Oom Diederik’ zijn relaas. We weten dat er in de 19e eeuw bijzonder weinig kennis over Suriname aanwezig was bij de Nederlandse bevolking. Ook onze auteur laat blijken dat hij de klok heeft horen luiden maar niet precies weet waar de klepel hangt. Zo spreekt hij bijvoorbeeld over de rivieren de Marvemijne en de Courentijn. Melaatsheid noemt hij Boisi (in plaats van Boasie). Hij schat het aantal blanken op 5000, de vrije kleurlingen op 2000, de vrije ‘negers’ op 650, de ‘negerslaven’ op 52.000 en de kleurlingen op 5500. Die laatste groep wordt door de ‘negers’ geminacht, voor zover zij vrij zijn en slaven houden. En passant merkt hij op dat de Joden over het algemeen de wreedste meesters zijn. De lezer krijgt informatie voorgeschoteld over de gewassen die op de vruchtbare gronden verbouwd worden en over de klimatologische omstandigheden in de kolonie. Ook wordt de nodige historische kennis bijgespijkerd, zoals bijvoorbeeld over het Engelse Tussenbestuur dat van 1799 tot 1816 duurde.
Toch lijkt het overduidelijk dat onze illustrator en lithograaf deze tekst over Suriname en Paramaribo in zijn boek heeft opgenomen omdat hij de lezer iets wil vertellen over slavernij. Over het land ligt, zo schrijft Bos, een zwarte sluier want het was nog altijd het land van de slavernij. De slavenbevolking, 37.000 zielen groot, die behoort ons met droefheid en met schaamte te vervullen. Hij toont zich een ware abolitionist die op basis van zijn christelijke overtuiging slavernij veroordeelt: “De slavernij is gewis eene gruwzame zonde voor God, den almagtigen regeerder der hemelen en der aarde.” In Nederland hoorde men wel eens dat er in Suriname nog slaven waren maar niemand bedacht dat daar iets aan gedaan moest worden, concludeert onze auteur. Hij noemt ook het boek van Beecher Stowe, de Hut van Oom Tom, dat ook in Nederland een grote invloed heeft gehad. Bos sluit zijn hoofdstuk over Suriname af met een abolitionistisch gedicht.
We bespreken hier wel vaker boeken die naar onze mening zeldzaam zijn. Dat kunnen boeken zijn die lastig te vinden zijn. Maar wat als we van een boek slechts één of twee exemplaren kunnen vinden? Uit Oost en West vinden we slechts in één openbare bibliotheek, Tresoar in Leeuwarden, de bibliotheek gespecialiseerd in de geschiedenis van Friesland. Sinds kort beschikt de Buku Bibliotheca Surinamica collectie, dankzij Axe van Maanen van Antiquariaat Klikspaan in Leiden (hofleverancier van de Buku collectie), ook over een exemplaar van dit superzeldzame boek. Het boek bevat een fraaie frontispice (daarmee wordt een illustratie bedoeld die zich tegenover de titelpagina bevindt), een chromolitho die een gezicht op Paramaribo biedt. Ook zien we er een engel die de afschaffing van de slavernij in 1863 aankondigt. Daaronder zien we een afbeelding van een slavin die zweepslagen krijgt. Tenslotte zien we hoe een groep slaven de afschaffing van de slavernij viert. De fraaie litho’s zijn gemaakt door ene Helmers op basis van tekeningen die door de auteur, G.J. Bos, zijn gemaakt. Deze fraaie litho’s maken, tezamen met de extreme zeldzaamheid van deze titel, het tot een bijzonder boek.
Carl Haarnack












































