Een van de speerpunten van het onderzoek van dr. Eric Peels, sinds 2023 emeritus hoogleraar Oude Testament aan de TU Apeldoorn, was het Bijbelboek Jeremia. Hij wijdde in 1997 een rectoraatsrede aan de volkenprofetieën in Jeremia 46-51, en sinds 2010 had hij met tussenpozen gelegenheid voor het schrijven van een commentaar daarop. Dit voorjaar verraste hij ons met het resultaat daarvan onder de titel ‘Storm over de wereld’.
[Recensie in Gereformeerd Kerkblad d.d. 14 april 2023]
Het is een boeiend en zeer leesbaar werk geworden; enige kennis van het Hebreeuws en Grieks helpt daarbij wel, maar ook zonder die kennis zijn de hoofdlijnen van dit wetenschappelijk commentaar ook voor een belangstellende goed te volgen. Peels weet zijn fascinatie voor dit klein bundeltje profetieën in Jeremia aanstekelijk over te brengen.
Theologische betekenis
De vraag die Peels uiteindelijk in zijn commentaar wil beantwoorden is, waar was God in die geschiedenis eind 7e en begin 6e eeuw v. Chr., waarin Nebudkadnessar en Babel oppermachtig werden en niet alleen de andere volken overwon, maar ook aan het zelfstandig bestaan van het volk Juda en aan het koningschap van David een einde maakte, en zelfs de tempel van God samen met de stad Jeruzalem verwoestte?
De commentaar opent met algemene inleiding van 60 blz., waarbij informatie gegeven wordt over de tekst, de historische setting, de literaire facetten en de theologie van de volkenprofetieën. Ook wordt ingegaan op de plaatsing van deze profetieën binnen Jeremia, omdat deze in de Septuaginta – de Griekse vertaling – halverwege het Bijbelboek opgenomen zijn als de hoofdstukken 25-31 en ook in een andere volgorde, waardoor deze profetieën ook een andere literair-theologische betekenis krijgen. De Hebreeuwse tekst begint met Egypte (h. 46) en eindigt met Babel (h. 50-51). Egypte is het eerste volk dat door Babel overwonnen wordt in de slag bij Karkemis (605 v. Chr.) en daarna volgen de andere volken. Met Babel aan het slot werkt de Hebreeuwse tekst theologisch toe naar de climax, dat niet alleen de andere volken, maar uiteindelijk ook Babel door God geoordeeld wordt.
Peels laat naast het schokkende van alles wat in deze profetieën aan wraak, vergelding, vernietiging en ondergang van volken en mensen voorbij komt, ook zien dat in dat alles God op onnaspeurlijke wijze soeverein de loop van de geschiedenis in zijn hand houdt. Naast het oordeel is er ook hoop in deze profetieën: ‘JHWH die, soms met tranen in de ogen, het kwaad stuit en keert, om de volken en zijn eigen volk terecht te brengen.’ Daarin ligt ook de actualiteit van deze profetieën.
Terecht wijst Peels erop, dat God als ‘de Koning, wiens naam is HEER van de hemelse machten’ de Rechter is die opkomt voor verdrukten en het kwaad vergeldt door het recht te doen zegevieren. Zelfs in het uitvoeren van het gericht is God vol compassie over de slachtoffers en huilt hij over hun lot. Niet alleen als het zijn eigen volk betreft, ‘dat Hij troost, terugbrengt en radicaal vergeeft, maar het geldt ook de andere volken.’ Goede Vrijdag, Pasen èn Pinksteren gloren door de profetieën heen.
Gezaghebbend
De kracht van deze commentaar is de grote aandacht voor de structuur en de analyse van de tekst, in samenhang met de literaire, historische en theologische betekenis, die Peels baseert op de functie van de verzen en perikopen in het grotere geheel. Aan de exegese van de perikopen laat hij een werkvertaling voorafgaan, waarbij ook de Hebreeuwse tekst is opgenomen. Fijn is dat deze bij de uitleg van elk vers weer herhaald wordt. Afgezien van een enkele misser [b.v. Jer. 49:32, waar in de vertaling ‘heil’ i.p.v. ‘onheil’ staat] is hij ook voortreffelijk uitgegeven. Het is een prachtig en commentaar van een gezaghebbend exegeet, waar men niet omheen zal kunnen.
N.a.v. Eric Peels, Storm over de wereld. De volkenprofetiën in het boek Jeremia, Utrecht: KokBoekencentrum Uitgevers, 2023, 622 pagina’s, € 52,50, E-book: € 24,99.

